De reis gaat voort – marsepein in december

Net zoals de dagelijkse wandeling naar de bakker, werd ook het boodschappen doen in de vooravond een vast ritueel.

Als baasjes van Filou zijn we het gewoon dat één van ons buiten wacht terwijl de andere boodschappen doet. Dus wandelde Jan heen en weer met Filou over de parking van Cadoro Superstore, terwijl ik naar binnen ging. Groot was mijn verbazing toen ik de winkelkarren zag: vooraan zat een rode bak voor de honden. Paste je viervoeter erin, dan mocht hij gewoon mee de winkel binnen. We hadden onze supermarkt gevonden.

De temperatuur bleef stijgen. In mijn schrift stonden nog twee steden die we wilden bezoeken: Vicenza en Padua met niet ver daarvandaan Abano Terme. De Strada del Prosecco stond ook nog op onze lijst. Kiezen is verliezen, maar die dag voelde het niet zo. We kozen voor de Prosecco-route met hier en daar een tussenstop in een gezellig dorpje. De airco in onze auto hield ons die dag heerlijk koel.

’s Avonds wandelden we naar de gelateria met het lekkerste ijs van Mogliano. Iedere keer koos ik een andere smaak.
‘Ti piace il gelato mio?’ vroeg de uitbater me op een avond.
Ik knikte. Tuurlijk vond ik zijn ijs lekker.
We raakten aan de praat. Toen hij hoorde dat ik uit België kwam, kwam hij helemaal op dreef. Hij had zijn stiel geleerd in ons land. Verbaasd keek ik hem aan. ‘Belgio?’
Si, si! Hij zei dat ik moest terugkomen in december. Dan stond zijn etalage vol met chocolade kerststalletjes en marsepeinen figuurtjes.

‘Wat was dat allemaal?’ vroeg Jan toen ik de gelateria buiten stapte.
‘We komen in december terug,’ zei ik.

Dat we overmorgen al uit Mogliano zouden vertrekken, kon me met dat lekkere ijs en dat leuke gesprek plots een stuk minder schelen.