Vijf weken nadat Louis, onder lichte dwang, zijn intrek in het woonzorgcentrum had genomen, was zijn huis aan de Brugse molens opgeruimd. In de kale kamers – die plotseling oneindig groot leken – stonden enkel nog de meubelen, in wat vroeger zijn atelier was, de dozen vol te bewaren herinneringen.‘We moeten een opkoper zoeken, en lees meer
Op automatische piloot trokken mijn man en ik iedere dag naar het huis aan de Brugse molens. We schoven meubelen aan de kant, rolden zware karpetten op, haalden kasten leeg. De keukenvloer stond vol spullen ‘te verdelen’, de achterkamer bleek te klein voor de ‘te bewaren’ herinneringen. Na drie weken was er van leeghalen geen lees meer
Louis hield van bijhouden en bewaren. In de zolderkamer stond de kleerkast van zijn grootmoeder, de halve inboedel van zijn moeder was terechtgekomen in de logeerkamer. De opgeknapte fauteuils van zijn schoonouders hadden een hoekje gevonden naast de Chesterfield. In een keukenkast vonden we minstens vijftig plastic soepbekers. Lege omslagen dienden als kladpapier, het Brugsch lees meer
De tweede vrijdag van januari verhuisde Louis naar een woonzorgcentrum in onze buurt. We kozen voor een ruime kamer op de derde verdieping, met zicht op een wandelpark met kronkelende paden, geriefelijke zitbanken en de vijver te midden van de glooiende terreinen van de plaatselijke golfclub. Het toverde meteen een glimlach op mijn gezicht. Louis lees meer
Nieuwjaar. Een dag vol wederzijdse gelukwensen en goede voornemens. Dit jaar schrapten mijn man en ik woorden als sporten, diëten en gezonder gaan leven van onze denkbeeldige lijst. Nee, we hadden vanaf nu maar één doel voor ogen: de wens van Louis vervullen. Het werd met de dag duidelijker dat een woonzorgcentrum Louis’ nieuwe woonst lees meer
Wat eerst nog een flauwe grap van de huisarts leek, werd enkele dagen later bevestigd door een team van specialisten. Hun verslag was duidelijk: Louis was honderd procent hulpbehoevend.‘Dus ik kan niet meer naar huis?’ vroeg hij.Mijn man schudde zijn hoofd, ik sloeg mijn ogen neer.‘Ze kennen er niets van,’ foeterde Louis luid. Hij zwiepte lees meer
‘Wie belt er nu zo vroeg?’ Mijn man stak me mijn gsm toe. Ik herkende Louis’ nummer. ‘Hallo. Louis?’ Zacht gekreun aan de andere kant van de lijn. ‘Rustig, we komen eraan.’ We vonden Louis ineengezakt op de grond. Zuchtend probeerde hij recht te komen, vervloekte de pijn en zeeg voor de zoveelste keer als een lees meer
‘Ah, jij bent het,’ zei Louis toen hij op Kerstdag de deur voor me opende. ‘Nergens uitgenodigd?’ Hij keek me treiterend aan. ‘Voor je het weet geraak ook jij in het vergeetstraatje. Eens je daar bent, kom je er nooit meer uit. Kijk maar naar mij.’ ‘Zalige Kerst,’ beantwoordde ik zijn stekelige opmerking, ‘de kinderen lees meer
Vorige zaterdag, kort na de middag, belde ik aan bij Louis. Enkele minuten later opende hij de deur, schuifelde me voor naar de woonkamer. ‘Ga zitten.’Ik zette een schaal met dessertkoekjes op de salontafel, zocht een plaats op de bank tussen de vele kussens.Hij schonk me een kop koffie uit, kwam naast me zitten en lees meer